Gastroscopie

Inwendig onderzoek van de maag: gastroscopie

Twee aandoeningen komen veel voor:
Ten eerste het inslikken van een vreemd voorwerp dat in de maag blijft steken omdat het te groot is om de door de darm te kunnen passeren. Soms blijft het zelfs al in de keel (rubber bal) of in de slokdarm (bot) steken. In al die gevallen kan het endoscopisch verwijderen de beste oplossing zijn.
De tweede reden om een gastroscopie te doen zijn chronische maagdarmklachten zoals braken en diarree. Deze klachten kunnen ook wisselend wel en niet aanwezig zijn.

Daarnaast kunnen klachten als verlies van eetlust, vermageren, bloed braken, slikproblemen en overmatig speekselen een reden voor een scopie zijn.

Vooral bij chronische braak- en diarreeklachten is, voorafgaand aan de scopie, ander onderzoek zinvol, zoals röntgenfoto’s (kan eventueel gelijk met de scopie), bloed-, ontlasting- en urineonderzoek en/of een kweek.
Bij verdenking op allergieën of voedselintoleranties kan een eliminatiedieet of hypoallergeen voer de problemen vaak al oplossen.

Werkwijze:

Bij maagdarmklachten wordt dit onderzoek meestal gecombineerd met het onderzoek van de dunne darm (duodenoscopie). Zoals u zult begrijpen wordt dit onder algehele narcose uitgevoerd. Bovendien moet het dier 24 uur nuchter zijn omdat een met voedsel gevulde maag en/of darm niet te onderzoeken is (In het geval van een vreemd voorwerp hoeft het dier niet nuchter te zijn, omdat het niet verstandig is 24 uur te wachten met het verwijderen). Voor dit onderzoek wordt een flexibele scoop van 1 tot 1,5 meter gebruikt waarvan de voorste 5 centimeter met knoppen naar alle kanten stuurbaar is. Ook via deze scoop kunnen met speciale bioptietangetjes monsters voor verder onderzoek genomen worden.